Onderzoek hulpverlening MH17

In opdracht van Fonds Slachtofferhulp is uitgebreid onderzoek gedaan naar de hulpverlening na de MH17 ramp. Veel ging goed, maar er zijn ook verbeterpunten. Lees hier de belangrijkste resultaten van het onderzoek.


Onderzoek Hulpverlening MH17 – Lessen voor de Toekomst

Op 17 juli 2014 werd boven Oekraïne een vliegtuig met nummer MH17 door een bukraket uit de lucht geschoten. Alle 298 inzittenden kwamen daarbij om het leven, onder wie 193 Nederlanders. Hoewel de maatschappelijke impact hiervan nog steeds enorm is, valt deze in het niet met wat de nabestaanden meemaakten. Velen verloren één of meerdere dierbaren: geliefden, kinderen, familieleden en goede vrienden. Het zette hun leven op z’n kop en veroorzaakte immense stress.

Gelukkig werden nabestaanden over het algemeen goed opgevangen. Toch kunnen er ook veel zaken beter. Dat en meer komt naar voren uit het onderzoek ‘Lessen voor de Toekomst’. Het onderzoek werd uitgevoerd onder leiding van prof. dr. Peter van der Velden van Tilburg University en werd door ons gefinancierd.

Dankzij de inzichten die uit het onderzoek naar voren komen, kunnen we de hulpverlening voor slachtoffers en nabestaanden van toekomstige rampen verbeteren. Hieronder lees je wat Van der Velden en zijn collega’s precies onderzocht hebben, hoe het onderzoek is uitgevoerd en wat de belangrijkste resultaten zijn.

Wat is onderzocht?

De onderzoekers keken naar hoe nabestaanden alle hulpverlening hebben ervaren. Daarbij focusten ze zich met name op bronnen van stress voor mensen die bij de ramp een dierbare hadden verloren. Ze wilden weten welke factoren ervoor zorgden dat nabestaanden stress ervaarden.

Door te focussen op de subjectieve ervaring, konden Van der Velden en collega’s in kaart brengen waar de opvang tekort schiet. Het doel van deze opvang is immers het verminderen van stress en het subjectieve welzijn van de behandelde. Ook keken de onderzoekers naar meer algemene bronnen van stress, zoals de enorme media-aandacht.

Hoe is het onderzoek ‘Lessen voor de Toekomst’ uitgevoerd?

Bij dit onderzoek werkten de wetenschappers van Tilburg University nauw samen met hun collega’s van INTERVICT, NIVEL en Stichting Vliegramp MH17, de officiële vertegenwoordiger van alle nabestaanden. In de beginfase van het onderzoek was er ook een intensieve samenwerking met Slachtofferhulp Nederland. Om de nabestaanden zoveel mogelijk te ontlasten, werd het onderzoek grotendeels gelijktijdig uitgevoerd met het onderzoek ‘Rouw na MH17’, dat ook mogelijk is gemaakt door Fonds Slachtofferhulp.

Van de Velden en zijn collega’s interviewden voor dit onderzoek 27 nabestaanden. Dit deden ze twee keer. De eerste keer was anderhalf jaar na de ramp en de tweede keer was tweeëneenhalf jaar na de ramp. Aan de hand van de antwoorden die de nabestaanden gaven inventariseerden ze de bronnen van stress voor nabestaanden, die ze vervolgens analyseerden.

Wat zijn de belangrijkste resultaten?

Dit zijn de belangrijkste resultaten en aanbevelingen uit het onderzoek:

  • Dé nabestaande bestaat niet; elke nabestaande heeft zijn eigen ervaringen. Soms worden die gedeeld met anderen, soms niet.
  • Er zijn geen terreinen waar zich geen bronnen van stress voordoen. Maar dat wil niet zeggen dat elke nabestaande op alle terreinen stress ervaart. Ook geldt: dat het op één vlak prima gaat, wil niet zeggen dat er op een andere punt geen stress is. Het is goed dat hulpverleners daarop bedacht blijven.
  • Wel waren er meerdere nabestaanden die aangaven dat ze stress hadden van de manier waarop hun werkgever, bedrijfsarts of het UWV was omgegaan met hun terugkeer naar de werkvloer. Juist van deze instanties zou je meer compassie mogen verwachten.
  • Wat heel goed is geweest, en dus juist niet terugkwam als bron van stress, is dat de overheid na de MH17-ramp heel snel voor alle slachtoffers overlijdensaktes heeft afgegeven. Dat maakte de administratieve afhandeling voor de nabestaanden veel gemakkelijker.
  • Hetzelfde geldt voor de ceremonies rondom het terugkeren van de lichamen, en de herdenkingsdiensten.
  • De enige bron van stress die wel zeer breed gedeeld werd, was de rol van de media. Nabestaanden vonden dat de feiten niet juist waren weergegeven, dat het nieuws sensatiebelust was geweest of hadden hinder ondervonden van opdringerige journalisten. Een terughoudender opstelling van de pers is in veel gevallen gewenst.
  • Het zou goed zijn om te overwegen of er een mediacode moet komen met een leidraad voor hoe te berichten over rampen en nabestaanden, zoals die er ook is voor nieuws over zelfdoding.

Meer informatie over het onderzoek naar de hulpverlening bij MH17

Wil je meer weten over het onderzoek ‘Hulpverlening na MH17’ en welke lessen voor de toekomstige hulpverlening we hieruit kunnen trekken? Download dan de MH17 bundel ‘In mijn leven is iets kapot’. Hierin worden alle resultaten van dit onderzoek uitvoerig beschreven, samen met de resultaten van het onderzoek ‘Rouw na MH17’.

Download de bundel