Nieuws

Uitspraak kort geding nabestaanden Nicole van den Hurk

15 april 2019

Bron: Fonds Slachtofferhulp

Lees meer over: nabestaanden | geweldsmisdrijven | rechterlijke uitspraak | kort geding

Fonds Slachtofferhulp heeft kennisgenomen van de rechterlijke uitspraak vandaag naar aanleiding van het kort geding tegen De Persgroep/Eindhovens Dagblad. In het kort geding eisten de nabestaanden van Nicole van den Hurk een verbod op publicatie van een boek over het politieonderzoek en de rechtszaak rondom de gruwelijke moord op hun 15-jarige dochter en zusje in 1995. Het boek, met privacygevoelige informatie, is geschreven zonder medeweten en toestemming van de nabestaanden door een volledig ‘embedded’ journalist gedurende het onderzoek van politie en justitie. Het doel hiervan was een licht te schijnen op coldcasezaken. Dat gebeurde in dit geval echter zonder het belang van de nabestaanden in ogenschouw te nemen. Daarmee werd de privacy van nabestaanden in feite vogelvrij verklaard.

 

Uitspraak rechtbank

De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat 21 passages uit het boek niet gepubliceerd mogen worden, maar het boek met aanpassingen mag verschijnen. Voor de familie van Nicole van den Hurk is dit, na alles wat zij al mee hebben moeten maken, een klap in het gezicht. Hoewel de rechter zich dit realiseert, moest hij oordelen dat het hier een botsing van twee fundamentele rechten betreft; de vrijheid van meningsuiting versus het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. Bij de beoordeling van de vraag welke van deze rechten zwaarder moet worden beoordeeld, moest de rechter meewegen dat het Eindhovens Dagblad door het Openbaar Ministerie, via een mediacontract, is gevraagd mee te lopen met het coldcaseteam rondom de moord op Nicole van den Hurk en derhalve de beschikking kreeg over geheime informatie. Het OM heeft hierbij geen rekening gehouden met de privacybelangen van de nabestaanden hetgeen het OM inmiddels ook betreurt.

 

Privacy en ambtsgeheim

Vanzelfsprekend is de vrijheid van meningsuiting een groot maatschappelijk goed dat ook het Fonds Slachtofferhulp onverminderd koestert. Ondanks het feit dat vanuit het perspectief van de nabestaanden, verwerpelijke informatie werd opgeschreven. Het is het Openbaar Ministerie juist daarom zwaar aan te rekenen hoe in deze zaak de belangen van de nabestaanden zijn verkwanseld. Daar waar het OM ‘rechtvaardigheid’, ‘verbinding’ en ‘betrouwbaarheid’ als belangrijke kernwaarden bestempelt, zijn de belangen van nabestaanden met voeten getreden en lijkt het er bovendien op dat hier het ambtsgeheim werd geschonden door dienaren van de wet. Allen beschikten over gevoelige, persoonlijke en kwetsende informatie die zij nooit op die manier hadden mogen delen. Al helemaal niet met de schrijver van een publicatie. Fonds Slachtofferhulp roept het OM op lering te trekken uit de gevolgde handelswijze, zodat in de toekomst de belangen van nabestaanden wel gerespecteerd worden. Daarnaast lijkt een fatsoenlijke schadevergoeding aan de nabestaanden niet meer dan billijk.

Slachtoffers en nabestaanden moeten erop kunnen rekenen dat er door de overheid behoorlijk met hen wordt omgegaan. Dat overheidsinstanties waar ze mee te maken krijgen, zoals politie en OM, rekening houden met wat voor hen belangrijk is, dat hun privacy zo goed mogelijk wordt beschermd en dat er geen beslissingen over hun rug worden genomen die dit soort consequenties hebben.

 

Incidenteel of structureel?

Fonds Slachtofferhulp maakt zich ernstig zorgen over de schade die dit soort geheime mediacontracten kan aanrichten voor slachtoffers en nabestaanden. Tijdens het kort geding werd duidelijk dat er naast het onderzoek ‘Bosuil’, zoals deze zaak werd genoemd, nog minimaal één vergelijkbaar mediacontract bestaat, in het onderzoek ‘Edelhert’.  Hoeveel andere ‘embedded’ trajecten nog lopen bij OM en politie, waarover de slachtoffers of nabestaanden niet zijn geïnformeerd, is niet bekend.

 

Maatregelen

Het OM beloofde in een vergelijkbare situatie naar aanleiding van een kort geding over een publicatie rondom een moordzaak in Drenthe in 2017, waar ook sprake was van een mediacontract zonder instemming van de nabestaanden, dat dit nooit meer zou gebeuren. Zie publicatie in Dagblad van het Noorden d.d. 10 april 2018. Op een dergelijke belofte kunnen slachtoffers en nabestaanden dus blijkbaar niet vertrouwen. Er zijn daarom concrete maatregelen nodig om herhaling te voorkomen. Fonds Slachtofferhulp is blij dat de Tweede Kamerfracties van VVD, CDA, D66, GroenLinks, PvdA en SP voornemens zijn om dit aan de orde te stellen bij de minister van Justitie en Veiligheid. In overleg met Fonds Slachtofferhulp wordt ook voorgesteld een parlementair rondetafelgesprek te organiseren om te spreken over het structureel beter borgen van slachtofferrechten en -belangen. Het Fonds blijft zich ervoor inspannen om dergelijke situaties in de toekomst te voorkomen en doet daarvoor concrete voorstellen.

Geef een reactie