In het Kinderrechtenverdrag van de Verenigde Naties zijn de rechten van kinderen vastgelegd. Op Amerika na, heeft ieder land in de wereld dit verdrag getekend. Ook Nederland. Maar houden we ons ook echt aan de internationale afspraken? Defence for Children monitort dat en komt op voor de rechten van kinderen. Nadat er steeds meer klachten op hun Kinderrechtenhelpdesk binnenkwamen over de manier waarop minderjarige slachtoffers van seksueel misbruik in het strafproces worden behandeld, werd er een onderzoek gestart met financiering van het Fonds Slachtofferhulp. Wat blijkt? Twaalf- tot achttienjarigen worden in ons land te veel behandeld alsof ze volwassenen zijn. En dat kan écht niet.

Om daders van seksueel misbruik van kinderen te kunnen veroordelen, is onderzoek heel belangrijk. Omdat er lang niet altijd meer fysiek bewijs –zoals sporen op het lichaam – is, is het verhoor van het slachtoffer een belangrijk onderdeel van dat onderzoek. Ook als het slachtoffer minderjarig is. Dat je die kwetsbare groep slachtoffers op een aangepaste manier moet behandelen staat in het VN-Kinderrechtenverdrag.

“Die afspraken worden in Nederland goed nageleefd als het gaat om kinderen van nul tot twaalf jaar,” vertelt onderzoeker Ytje Minke Hokwerda. “Voor hen is er bijvoorbeeld een kindvriendelijke verhoorstudio met speelgoed en worden vragen door een speciaal opgeleide verhoorder gesteld om geen verdere schade aan te richten bij het kind. Zo hoort het! Maar wat meteen opviel tijdens ons onderzoek, is het enorme contrast vanaf het moment dat je twaalf bent. Je bent dan nog steeds minderjarig, een kind nog. Toch is er voor deze groep weinig geregeld waardoor ze te veel behandeld worden als een volwassene.”

Uit het onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat zedenrechercheurs, officieren van justitie, rechters en advocaten, niet getraind hoeven te zijn om met deze minderjarige slachtoffers om te gaan. Daardoor krijgen tieners soms het gevoel niet te worden geloofd of wordt hun schuldgevoel aangewakkerd. Dat moet anders.

Voorbeelden uit de praktijk

“Van de professionals die we hebben geïnterviewd, horen we dat er soms erg botte vragen worden gesteld tijdens het verhoor”, zegt Hokwerda verontwaardigd. Met enige gêne noemt ze het voorbeeld van een 12-jarige jongen die is misbruikt door iemand die zijn opa had kunnen zijn. “Aan hem werd gevraagd of hij zich wel eens aftrekt. Vervolgens werd geïnsinueerd dat als hij dát doet, hij misschien ook wel gewoon seks met de 67-jarige wilde hebben.” Een kind moet vrijuit kunnen praten tijdens het verhoor. Als je niet op de juiste manier verhoort en een kind klapt dicht, zal het bovendien nog moeilijker worden om de zaak rond te krijgen voor de rechter.

Twee keer slachtoffer

Minderjarige slachtoffers, hun ouders en hulpverleners vertellen allemaal hetzelfde verhaal: door deze benadering gebeurt het dat slachtoffers zich niet serieus genomen voelen, aangetast worden in hun privacy en ontmoedigd raken of zich schuldig gaan voelen. Hierdoor zien ze soms maar helemaal af van aangifte. En doen ze die wel, dan wacht hen een soms traumatische en impactvol proces, want ook in de rechtszaal mogen weer vragen gesteld worden. Hokwerda: “Een geïnterviewde zedenrechercheur vertelt dat een advocaat van een verdachte, een minderjarig slachtoffer van verkrachting vroeg: ‘vertel eens meisje, hoe ben jij geneukt?’ Natuurlijk wordt er bezwaar gemaakt als zo’n vraag wordt gesteld, maar dan ben je al te laat.” Door deze manier van vragen stellen, word je eigenlijk een tweede keer slachtoffer, stelt de rechercheur. Je haalt een minderjarige voor wie het al heel moeilijk is om te praten over wat er is gebeurd, zo totaal uit haar evenwicht. “Ik ben helemaal niet tegen het stellen van kritische vragen, maar zoals de rechercheur uit het onderzoek ook zei, ze moeten wel goed worden ingeleid en op een nette manier worden gesteld.” Het eerste positieve nieuws is er al: naar aanleiding van dit rapport zijn in de Tweede Kamer vragen gesteld.

Droombeeld 2020

Er moet veel verbeteren, en zoiets kost tijd. Zeker omdat er zoveel partijen bij betrokken zijn. Met de onderzoeksresultaten onder de arm, kunnen we nu de volgende stappen zetten. “We hebben de komende maanden gesprekken gepland met bijvoorbeeld het OM, de Politie en mensen van het Ministerie. Samen gaan we kijken hoe we de situatie voor deze minderjarige slachtoffers kunnen verbeteren.” Hokwerda heeft goed voor ogen wat er over pakweg 5 jaar moet zijn verbeterd: “Voor de 12-plus groep, willen wij allereerst dat zij standaard verhoord worden in een ruimte die geschikt is voor hun leeftijd en dat zij alleen verhoord worden en spreken met mensen die daar specifiek voor zijn opgeleid en weten wat trauma met deze kinderen doet. Verder moeten ze goed worden voorbereid op het proces, door bijvoorbeeld informatiemateriaal te ontwikkelen dat voor jongeren leesbaar is, zodat ze begrijpen wat ze kunnen verwachten. Bovendien moet hun privacy goed worden beschermd. Tot slot vinden wij het belangrijk dat de jonge slachtoffers, als ze dat willen, gedurende het hele strafproces zelf geïnformeerd worden over wat er gebeurt en over de volgende stappen.”

Kortom: een waslijst aan verbeterpunten. Wij geloven er in dat Defence for Children dit voor elkaar weet te boksen en daarom steunen we hen waar mogelijk. Het eerste positieve nieuws is er al: naar aanleiding van dit rapport zijn in de Tweede Kamer vragen gesteld. De minister van Veiligheid en Justitie heeft gezegd dat hij voor de Kerst met een schriftelijke reactie komt.

Defence for Children

Defence for Children is een internationale organisatie die opkomt voor de rechten van kinderen. Defence for Children bevordert kinderrechten in Nederland en daarbuiten op basis van het VNKinderrechtenverdrag. Daadwerkelijke versterking van kinderrechten kan alleen worden gerealiseerd als de rechten van kinderen vastgelegd zijn in wet- en regelgeving en er continu toezicht is op de naleving ervan. Daarom werken er bij de organisatie vooral juristen. Op het terrein van seksueel misbruik bij kinderen werken wij graag met hen samen.