Nieuws

Dadermonitor seksueel geweld tegen kinderen

22 november 2018

Bron: Fonds Slachtofferhulp

Op 22 november is de dadermonitor Seksueel Geweld tegen kinderen 2013-2017, van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen kinderen, gepubliceerd. In de dadermonitor wordt voor het eerst de hele strafrechtketen in beeld gebracht. Hieruit komt (o.a.) dat het aantal zedenzaken dat voor de rechter wordt gebracht afneemt. Hoe zorgen we ervoor dat slachtoffers van seksueel geweld niet onder de radar blijven? En daders hun straf niet kunnen ontlopen?

Dadermonitor seksueel geweld tegen kinderen: minder vervolging

Steeds minder slachtoffers van seksueel geweld kiezen ervoor om aangifte te doen bij de politie. Waar het OM in 2013 nog 2000 keer vervolging instelde naar een zedenzaak, is dat in 2017 gekelderd naar 1400 vervolgingen (bron: NOS). De Nationaal Rapporteur ziet dat er redenen kunnen zijn om van een aangifte bij de politie af te zien. Dit betekent natuurlijk niet dat het seksueel geweld niet heeft plaatsgevonden. Of dat iemand geen slachtoffer is, aldus de Nationaal Rapporteur.

Waarom doen steeds minder slachtoffers van seksueel geweld aangifte? 

Waarom steeds minder slachtoffers een aangifte doorzetten, is nog onvoldoende bekend. Uit de praktijk blijkt, dat steeds minder slachtoffers met een aangifte bereiken waar ze op gehoopt hadden. Dat ze door zedenrechercheurs kunnen worden ontmoedigd om een aangifte door te zetten of zich niet geloofd of onbegrepen voelen. Victim blaming ligt hiermee op de loer en kan van grote invloed zijn op het herstelproces van slachtoffers. In de dadermonitor geeft de Nationaal Rapporteur aan dat de politie (zo mogelijk) wel registreert waarom een slachtoffer geen aangifte doet, maar dat dit nog onvoldoende meetbaar wordt gemaakt. Mogelijk kan gebruik worden gemaakt van categorieën om hier meer inzicht in te krijgen, aldus de Nationaal Rapporteur.

Geen aangifte? Wel de juiste hulpverlening

Fonds Slachtofferhulp richt zich het komende jaar (o.a.) op het bevorderen van het aantal meldingen van seksueel geweld. Ook wanneer geen aangifte wordt gedaan, hoeven slachtoffers namelijk niet onder de radar te blijven. Tussen de politie, het OM en (o.a.) het Centrum Seksueel Geweld is veel onderling contact. Hierdoor kan ook via andere wegen worden bevorderd dat slachtoffers de hulpverlening krijgen die ze verdienen. Daarnaast zijn het OM en de politie een notie aan het ontwikkelen om opsporingsambtenaren te informeren over naar welke hulpverleningsinstanties slachtoffers kunnen worden doorgestuurd. Fonds Slachtofferhulp en de Nationaal Rapporteur juichen deze ontwikkeling toe. Hierin geeft de Nationaal Rapporteur nog aan het belangrijk te vinden dat de informatie uitwisseling tussen politie, OM en hulpverleningsinstanties duurzaam gemonitord wordt. Fonds Slachtofferhulp zal de ontwikkelingen naar aanleiding van de dadermonitor seksueel geweld tegen kinderen met belangstelling blijven volgen.

Geef een reactie